Archive

Archief beheerder

Zo slow…

8 april 2013 1 reactie

Tegenwoordig gaat alles een stuk sneller dan voorheen. Sinds 1950 zijn we meer dan vijftig procent sneller gaan praten. We slapen gemiddeld een half uur minder dan enkele tientallen jaren geleden. Volgens psycholoog Richard Wiseman zijn de voetgangers in grote steden in het afgelopen decennium tien procent sneller gaan lopen.  We weten elkaar binnen luttele seconde te bereiken, waar op de wereld men zich ook maar bevind. En binnen dezelfde aantal seconde hebben we een magnetronmaaltijd opgewarmd.

Zoals elk voordeel zijn nadeel heeft, heeft ook het leven binnen zo’n haastsamenleving zijn nadelen. Doordat we ervoor kiezen zo veel zo snel te willen doen neemt de kwaliteit van datgene wat we doen enorm af. Dit komt vooral omdat we er de tijd niet meer voor nemen en daardoor ook steeds minder toegewijd zijn. Ondanks dat dit haastige leven op zich al een trend is wil ik me vooral gaan verdiepen in de tegentrend ervan. Vooral omdat deze op verschillende gebieden enorm populair is. Je zet er slow voor en je hebt al een tegentrend te pakken. In mijn onderzoek naar trends ben ik er al een aantal tegengekomen.

Neem bijvoorbeeld slow food. Deze beweging zet zich af tegen de ongezonde fastfoodketens. Bij slow food draait het allemaal om gezond eten, liefst gemaakt met streekproducten. Of slow sex, waarbij het niet alleen maar draait om meer tijd nemen voor elkaar maar ook om emotionele betrokkenheid. Dat wasje dat nog gedraait moet worden kan wel even wachten, net als dat mailtje dat je nog moet sturen. Een ander voorbeeld is slow living, waarbij je er bewust voor kiest om terug te gaan naar een bepaalde basis. Op deze manier is het mogelijk om je zware carriere te laten voor wat het is om vervolgens een minder zware baan aan te nemen.  Kortom wanneer je iets slow doet ben je bewuster en geconcentreerder bezig met datgene wat je doet of nog wil doen en daardoor neemt de kwaliteit ervan toe.

Naast deze drie voorbeelden ben ik nog een andere ‘slow’ tegengekomen die me erg deed verbazen. Slow reading. In eerste instantie klinkt dat gek. Net alsof je ieder woord één voor één en langer op je moet laten inwerken. Het tegendeel is waar. Bij slow reading draait het om het lezen van langere teksten, bijvoorbeeld een boek. Mede door de komst van het internet zijn veel mensen dit namelijk verleert. Onze offline geest is zich namelijk steeds meer aan het gedragen als ons online brein. En dat betekend kort en snel. We zijn dus niet in de afgelopen jaren sneller gaan lezen maar korter, zo kort dat we ons simpelweg niet lang genoeg meer concentreren om een lange tekst in zijn geheel te lezen.

Ik ben opzoek gegaan naar de oorzaak en die is te vergelijken met de bekende marshmallowproef. Een aantal kinderen kregen een marshmallow, als het lukte om die een aantal minuten te laten liggen kregen ze een tweede. Wanneer je voor volwassenen de marshmallow vervangt door een e-mail waar bepaalde informatie in staat dan heb je hetzelfde effect. Je krijgt informatie en daarmee een beloning. Echter is dit contraproductief te noemen. Het afmaken van je werk is nog een veel grotere beloning.

Het ligt er dus niet zo zeer aan dat we niet meer kunnen lezen maar onze spanningsboog word alsmaar korter. Christof van Nimwegen, cognitief psycholoog aan de Universiteit van Utrecht onderzoekt hoe wij lezen, denken en onthouden, kortom hoe we informatie verwerken, als we de computer gebruiken. “Van een computer lezen is sowieso al vermoeiender, door de stralingen van het scherm. Maar bovendien is op een beeldscherm continu ruis. Overal staan icoontjes, of zelfs reclames en af en toe popt er dat verleidelijke bericht op van je mailbox of Facebook. Natuurlijk beïnvloed dat het concentratievermogen, ook als je niet online bent.” Daar komt nog eens bij dat alles wat er op internet verschijnt kort en bondig is.

Uit een onderzoek van Niels van Taagten, hoogleraar kunstmatige intelligentie, is gebleken dat wanneer je eenmaal schakelt je zo’n  drie à vier andere dingen doet voordat je weer doorgaat waar je mee bezig was. Of dat nu op de computer is of tijdens iets anders waar je geconcentreerd bij moet zijn.

Gelukkig is het nog niet te laat. Vaardigheden verlies je namelijk niet zo maar. Net als met iedere afleiding is het moeilijk deze te weerstaan. Maar als je het bewust gaat doen kan je je spanningsboog weer opschroeven. Het advies is als volgt: Begin eens met één boek per maand. Je hoeft het internet en dus je computer en smartphone helemaal niet meteen weg te gooien, we moeten het alleen beter leren combineren. Door bekend te zijn met je gedrag ben je al op de helft en dat geld voor iedere trend die te maken heeft met het zogeheten ‘slow’.

Dat we niet in één keer kunnen stoppen met haasten is heel logisch. We hebben het nu eenmaal druk en de tijd vliegt voorbij. Wel vind ik dat we iets moeten doen met het feit dat er steeds meer concepten ontstaan rondom de trend slow. Blijkbaar is daar een behoefte aan. Dus wees net wat bewuster bezig met jezelf en de dingen die je doet. Zoals eerder gezegd, door bekend te zijn met je gedrag ben je al op de helft. Lees eens lekker een boek, kook een biologisch maaltje en sta soms gewoon eens even stil bij de kleine dingen. Wat mij betreft doe je het dan lekker slow.

 

http://www.trendystyle.net/relatie-seksualiteit/slowsex.html

http://nl.wikipedia.org/wiki/Slow_Food

Categorieën:Uncategorized

Meer voor minder

We leven in de wereld van de vergrotende trap. Alles moet sneller, beter, comfortabeler, strakker, luxer en zo kunnen we nog wel even doorgaan. We willen allemaal veel en hard werken, vooral wanneer de tijd zo slecht is. Vierentwintig uur per dag bereikbaar zijn wordt normaal gevonden. Dat we daardoor met z’n allen een stuk meer stressen en vooral heel druk zijn nemen we maar voor lief.

De vraag blijft, worden we hierdoor ook wel gelukkiger? Stel je eens voor dat je wat minder zou kunnen werken. Dat die telefoon niet de hele dag trillend in je broekzak zit. Dat je gewoon eens wat minder spullen hebt. Oftewel, gewoon een beetje meer rust aan je kop. Persoonlijk vind ik dat toch ook wel aantrekkelijk klinken. En zo zijn er meer mensen. Sterker nog, deze mensen zijn er wat mee gaan doen.  Downshifters worden ze ook wel genoemd.

Downshifters doen mee aan de trend van het downshiften. Wat ook wel een consminderen, slow living  of life hacking wordt genoemd. Downshiften is een trend waarin men er bewust voor kiest om met een stuk minder te gaan leven. Oftewel ze gaan terug naar de basis. Het kan worden gezien als een bepaald soort sociaalgedrag. Door te downshiften proberen mensen te ontsnappen aan de vaak obsessieve materialistische manier van leven, een hoop stress en een drukke baan. Uiteraard ontsnappen ze hiermee vooral aan de psychische gevolgen van zo’n druk bestaan.

De auto eruit en de fietspakken. Een moestuintje onderhouden. Tweedehands spullen kopen en minder weggooien. Op vakantie in eigen land of een jaartje kamperen. Dit zijn allemaal manieren om met minder geld en dus minder werk toch rond te komen.  Doordat je tijd overhoudt en bewustere keuzes maakt ben je meer bezig met wie je wil zijn in plaats van wat er van je wordt verwacht. Genieten van kleine dingen staat centraal. Geen dure televisie maakt je nog gelukkig maar simpel weg het zonnetje dat buiten lekker schijnt.

Echter blijft één van de belangrijkste redenen waar het binnen het downshiften om draait het creëren van een beter evenwicht tussen werk en vrije tijd. Communicatie deskundige en journaliste Sjoukje van der Kolk, zelf ook een downshifter, heeft deze trend in de jaren 90 al zien ontstaan. Veel jonge gezinnen kregen het drukker en drukker doordat carrières werden gecombineerd met het hebben van kinderen.  Steeds vaker kregen mensen een burn-out en raakten gefrustreerd doordat ze niet konden voldoen aan het ideaalplaatje. Van de Kolk noemt dit ook wel het streefleven.

Rond 2000 was het gevoel om te gaan downshiften op een hoogte punt. Helaas is het daarna weer een stuk afgenomen. Mede door de invloed van de economische crisis is de trend nu weer terug. Over het aantal downshifters in Nederland is niet heel veel bekend. Wel is uit onderzoek gebleken dat 19 procent tot een kwart van de volwassenen in andere rijke en geïndustrialiseerde landen het afgelopen decennium vrijwillig heeft gekozen voor minder inkomen en minder bestedingen. De conclusie die je hier uit zou kunnen trekken is dat de getallen in Nederland ook vrij hoog liggen.

“Het heeft allemaal te maken met een toenemende behoefte aan rust en overzicht. Vooral dertigers van nu lopen rond met keuzestress. Downshiften is een manier om veel keuzes te elimineren” zegt: Hilde Roothart van trendwatchbureau trendslator. Roothart vermoedt dat de groep hardcore downshifters niet groot is. Wel denkt ze dat steeds meer mensen het toepassen op enkele levensgebieden. Zo consumeren ze bijvoorbeeld minder of wordt er gekozen voor een parttime baan. Volgens Van de Kolk durven veel downshifters er nog niet voor uit te komen. Meestal komt dit voort uit angst om als een loser te worden aangezien. Veel downshifters gaan ondergronds en veranderen langzamerhand van vriendenkring. Maar er is vooruitgang. Bewuster leven word steeds minder geassocieerd met een stoffig leven. Sterker nog downshiften kan onze reddingsboei zijn tijdens deze falende economie. Dit is terug te zien in de documentaire ‘Made in Detroit’.

Is downshiften een trend die straks weer overwaait? Zowel Roothart als Van de Kolk denken van niet. Hilde Roothart: “Ik verwacht dat er steeds een grotere groep zal gaan downshiften. Met name dertigers van nu combineren idealisme met pragmatisme: ze pakken het op kleine schaal aan, bijvoorbeeld door een moestuin te beginnen in publiek groen.” Ook Sjoukje van de Kolk is er van ovetuigd. “Het milieu dwingt ons ook die kant op, we kunnen simpelweg niet meer op de ouder voet doorgaan.” Kortom, het gaat niet langer meer om kwantiteit maar om kwaliteit.

 

http://en.wikipedia.org/wiki/Downshifting

http://www.hollanddoc.nl/kijk-luister/documentaire/m/made-in-detroit.html

http://www.hollanddoc.nl/nieuws/2011/september/tienermoeders-worden-stadsboeren.html

http://coachjan.be/downshifting-is-je-leven-verrijken-of-niet/

http://trendslator.nl/trendslog/

Flow magazine, nummer 4, 2010

Categorieën:Uncategorized

Eerlijk zullen wij alles delen.. (Of ruilen of lenen)

8 april 2013 1 reactie

Delen, het wordt je met de paplepel ingegoten. Iedereen herinnert zich het nog wel. Of je nu wilde of niet, en hoe nieuw je autootje of Barbie ook was. Als je samen met iemand wilde spelen, dan moest je hoe dan ook je eigen speelgoed delen. Erg vervelend, tot dat ene moment dat je buurjongen juist datgene heeft waar jij ook graag eens gebruik van zou willen maken..

Dat we in andere tijden of zelfs in zwaar weer verkeren is voor niemand een verrassing. Banen sneuvelen met de dag en geld heeft bijna niemand meer. Ondanks alle ellende brengt dit ook positieve gevolgen met zich mee. Namelijk het ontstaan van de trend rondom delen. Of ruilen of lenen. Het is niet alleen duurzaam, het is ook de oplossing om de crisisjaren door te komen. En niet geheel onbelangrijk, het is ook nog eens heel gezellig.

Dit delen, ruilen of lenen wordt ook wel de ‘sharing economy’ genoemd. De vraag die centraal staat binnen de deeleconomie is: ‘Moeten we spullen bezitten om ze daadwerkelijk te kunnen gebruiken?’  Het kopen, krijgen en bezitten van spullen is iets waar we de laatste jaren aan gewend zijn geraakt. Maar waarom hebben we nu eigenlijk een auto, een tafel of een hamer? Precies! Om het te gebruiken.  Het antwoord op onze centrale vraag luidt als volgt:  Iets hoeft niet van jou en van jou alleen te zijn om het te kunnen gebruiken.

Op zich is ruilen en delen niets nieuws. Zoals eerder gezegd, we zijn er  bijna allemaal mee opgevoed. Maar ook op grote schaal word er altijd al geruild. Neem bijvoorbeeld de hippies, zij zijn er beroemd mee geworden. Het enige verschil met toen is, hoe kan het ook anders, het web. Door de komst van internet is het gemeenschappelijke ruilen een stuk makkelijker geworden.

Ondanks dat het internet het makkelijker maakt om platforms op te zetten waarop men diensten en producten kan delen, ruilen of lenen is dit niet de voornaamste reden waarom men weer massaal begint te ruilen. Volgens toekomstpsycholoog Tom Kniesmeijer is het de onvrede over grote instituten en bedrijven geweest. “Waar je ook bent, overal kun je eten bij een McDonalds en slapen in het Hilton. Allemaal massaproductie en eenheidsworst waar je te veel betaalt voor minimale service.”  Ook de economische crisis is de dus niet de aanleiding geweest, zoals vaak wordt gedacht. Net als het web heeft dit het proces alleen versnelt. Want wanneer je deelt help je elkaar niet alleen, het is ook nog eens duurzaam en bovenal het bespaart.

Delen moet je doen!

Om een duidelijk beeld te geven van wat er zoal word gedeeld en om aan te geven in welke mate de trend aanwezig is bij deze een aantal voorbeelden:

Thuisafgehaald.nl

Deze website brengt vraag en aanbod bij elkaar. Hou jij regelmatig restjes eten over of kook je altijd voor een weeshuis? Dan is iemand die weinig tijd heeft om te koken erg blij met jou. Op www.thuisafgehaald.nl kan je op een overzichtelijke manier jouw overige maaltijdjes aanbieden of zien waar je iets lekkers op kunt halen. Uiteraard moet je wel zelf even wat tupperware meebrengen.

Snappcar.nl

Via deze website kun je van buurtgenoten een auto lenen, verzekerd en wel. Er staan in Nederland per 1000 Nederlanders 470 auto’s stil. Een beetje onnodig vond snappcar.nl. Uiteraard kan je zelf ook je auto verhuren.  Daarbij zijn er nog meer van deze initiatieven zoals mywheels.nl of webo.nl

Spullendelen.nl

De naam zegt het al. Via deze website kun je verschillende spullen lenen en uitlenen. Soms heb je iets maar één keer nodig. Waarom zou je het dan kopen? En natuurlijk andersom. Jij hebt iets aangeschaft en eigenlijk staat het nu alleen maar stof te happen. Leen het uit!

En op deze manier kunnen we nog wel even doorgaan. Naast websites is er bijvoorbeeld ook het Repair Café. Is je rist van je jas stuk of je koptelefoon? Ben jij handig met van alles en nog wat? Tref elkaar dan in het Repair Café. Of #durftevragen. Wil je gewoon even advies. Stel je vraag op twitter en gebruik de hashtag van durftevragen. Dagelijks zijn er 220.00 mensen bereid om hun kennis met jou te delen.

Delen is niet armoedig meer

Delen armoedig? Echt niet! Volgens trendforecaster Andrea Wiegman is er nog een interessante verandering gaande. “Mensen vinden het niet meer zo belangrijk om veel te verdienen. Ook het consumeren  is veranderd. (…) Het nieuwe credo is: less is more. Delen is niet armoedig meer. We doen het niet uit pure noodzaak. Integendeel, het heeft juist waarde en status gekregen om een auto te delen, of om op vakantie bij een wildvreemde op de bank te belanden.”  Daarbij stond collaborative consumption, zoals het delen in de VS ook wel heet, in Time Magazine als één van de ideen die de wereld zouden moeten verbeteren.

Het zit wel goed

Net als met alles in het leven baart oefening, ook binnen de wereld van het ruilen en delen, kunst. Dat het de eerste keer wat onwennig is daar kan ik helemaal inkomen. In het begin zul je dan ook alles dubbel checken. Echter is het systeem gebaseerd op wederzijdse diensten. “Wanneer iemand kwaad wil valt hij of zij waarschijnlijk heel snel uit het systeem.”  Stelt Tom Kniesmeijer. We hebben online teruggevonden wat we offline kwijt waren geraakt.

Kortom, wacht niet langer. Ga je zolder weer eens op en kijk waar je een ander blij mee kan maken. Zoals onze wijze Griekse filosoof en geschiedkundige, Pythagoras, ooit zei:  ‘Wil je vreugde vermenigvuldigen, dan moet je haar delen.’

Categorieën:Uncategorized

Geen praatjes maar plaatjes

8 april 2013 1 reactie

Beeld zegt meer dan duizend woorden. Voor de meesten onder ons is dit een bekende zin. Daarbij heeft deze zin zichzelf al meer dan eens bewezen. Sterker nog, naar mijn mening geldt deze zin meer dan ooit. Dat beeld een steeds belangrijkere rol gaat spelen is letterlijk in ons dagelijks leven terug te zien.

Het is geen verrassing dat de combinatie van een object, de context waarin deze word geplaatst en de relevantie van beeld heel belangrijk is. Wanneer de bovenstaande ingrediënten allemaal aanwezig zijn en op de juiste manier zijn ingezet maakt een beeld indruk, veel indruk. Positief of negatief, humoristisch of ter verduidelijking, je onthoudt het in ieder geval.

Voor een bedrijf is er natuurlijk niets interessanter dan blijven hangen bij het publiek. Aangezien we overdonderd worden met reclame word dit zogeheten ‘blijven hangen’ een flinke opgaven. Het is dan ook geen verrassing dat beeld, ook wel visuele communicatie, voor veel bedrijven steeds belangrijker word.

Echter zijn bedrijven bij lange na niet de enige partij die beeld/reclame willen verspreiden. Wij zelf doen er ook aan mee en spelen er misschien nog wel een grotere rol in dan ooit te voren. Dit is terug te zien in bijvoorbeeld de ontwikkeling van social media.

Waar het is begonnen met forums en blogs waarop men lange verhalen bij elkaar kwijt kon zijn we inmiddels ver gekomen. Ondanks dat Six Degrees en My Space niet vergeten mogen worden heeft Facebook het toch voor elkaar gekregen dat we niet langer meer af en toe een verhaal met elkaar delen maar dat we ongeveer iedere dag even laten weten hoe het met ons gaat.

Twitter heeft daar nog een schepje boven op gedaan. Door een update te beperken tot 140 tekens werd dat delen sneller en sneller. Oftewel, we willen geen lange verhalen meer. We willen in een korte tijd, met zo min mogelijk moeite zoveel mogelijk delen en van elkaar weten. En uiteraard gaan deze ontwikkelingen alleen maar door..

Zo is het delen van berichten al weer bijna ouderwets aan het worden. Wat we willen delen is beeld, allerlei soorten beeld. Beeld met woordgrapjes, beeld van wat we willen hebben of mooi vinden maar vooral foto’s. Persoonlijke kiekjes van ieder moment van de dag. En daar is op ingespeeld.

Neem bijvoorbeeld social media als Instagram, Pinterest en Snapchat. Waar instagram het mogelijk maakt om leuke vierkante fotootjes via bijvoorbeeld   Facebook te delen met je vrienden is Pinterest je online prikbord. Over het hele web kan je de afbeeldingen die jou aanspreken ‘pinnen’ zodat ze in de collage op je Pinterestpagina komen te staan. De pagina is uiteraard te zien voor al je vrienden.

Tenslotte hebben we Snapchat, vooral onder pubers zeer populair. Je maakt een foto (meestal van jezelf) en die stuur je als berichtje naar je vrienden of vriendinnen. Je kan de foto maar een aantal seconden zien en daarna kan je hem niet meer openen. Niet langer draait het meer om het sturen van een tekstbericht maar om dat ene grappige onderonsje, het gekke gezicht of de grappige situatie.  We willen datgene wat we meemaken a la minute delen en hoe kan dat nu beter dan door middel van een plaatje.

Ondanks dat voorbeelden als Snapchat maar tijdelijk populair zijn en daardoor meer een hype vormen dan een trend, ben ik er van overtuigd dat zij wel bijdragen aan een duidelijke trend. Namelijk visualisering. Deze visualisering vind vooral plaats op het internet en op social media pagina’s. Zenders zijn bedrijven en andere partijen die graag in het middelpunt van de belangstelling staan maar ook wij zelf. En of we nu willen of niet, ontvangers zijn we allemaal.

 

http://en.wikipedia.org/wiki/Visual_marketing

http://www.webdesignerdepot.com/2009/10/the-history-and-evolution-of-social-media/

http://www.wisegeek.com/what-is-the-difference-between-a-fad-and-a-trend.htm

http://www.timeshighereducation.co.uk/story.asp?storycode=172613

http://nl.wikipedia.org/wiki/9GAG

http://danielenlowie.blogspot.nl/2009/09/verschil-tussen-trendhype-en-rage.html

http://oeilsj.wordpress.com/2011/01/25/visual-communication-and-its-role-in-advertising/

Categorieën:Uncategorized

Vind ik leuk! Of toch niet?

8 april 2013 1 reactie

Maandagmorgen, 09:00, de wekker op mijn telefoon is net afgegaan. Wat mij betreft veel te vroeg, dus na drie keer snoozen geef ik me dan eindelijk over en ontkom ik niet aan het feit dat ik mijn bed uit moet. Waar andere mensen meteen naar het koffiezetapparaat strompelen. Of onder de douche springen.  Hou ik er een andere gewoonte op na. Ik ben er niet trots op. Maar het checken van Facebook is langzamerhand één van mijn ochtendrituelen geworden.

Kortom we kunnen het niet langer ontkennen, we digitaliseren alles. We digitaliseren onze vrienden, onze interesses, onze hobby’s en onze gedachtes. We digitaliseren zelfs het nieuws wanneer we een relatie  aan gaan. En dit doen we allemaal online. Het online leven van mensen vermengt zich steeds meer met het offline leven. Deze maxitrend heet ook wel mass mingling. Dat we graag aan elkaar vertellen hoe het gaat en hoe we ergens over denken is van alle tijden. De mate waarin we het nu op internet doen niet. Ondanks dat het allemaal erg amusant, praktisch en leuk is kleven er ook gevaren aan.

Inmiddels alweer even geleden was ik op de Media Future Week. Daar sprak socialmedia-criticus Andrew Keen over de invloed van social media in de samenleving. Zijn speech maakte veel indruk op me en zijn woorden spoken nog vaak door mijn hoofd als ik ’s ochtends mijn Facebookpagina open. Andrew Keen heeft nog al een kritische houding tegenover social media en met name Facebook. Samen met  een hoop andere critici probeert hij ons te waarschuwen voor juist deze trend.

Terwijl veel mensen denken dat we alleen maar socialer worden, positioneren we ons volgens Andrew Keen steeds meer als individu. Social media geeft ons de kans ons met elkaar te verbinden en veel met elkaar te delen. Echter we worden er alles behalve socialer van en zijn we meer op ons zelf aangewezen. Na de telefoon en later het mailen en smsen zijn we ondertussen al ver verwijdert van persoonlijk contact. We isoleren ons van steeds meer van elkaar. Technologiesocioloog Sherry Turkle  heeft een passende variant op de beroemde woorden van Marshall McLuhan “We shape our tools and thereafter our tools shape us” Op de volgende manier stelt zij dat de moderne technologie ons verandert: “We are shaped by our tools. And now, the computer, a machine, on the border of becoming a mind, was changing and shaping us.”

Daarbij verdwijnt de diepgang van de mensheid.  Door de juiste foto’s te uploaden, andere pagina’s te ‘liken’ en door te zeggen wat je denkt, doet en waar je bent creëer je een bepaalde ik op het internet.  Wanneer iemand altijd vrolijke berichtjes plaatst en veel op de knop ‘vind ik leuk drukt’, wordt op Facebook aardig gevonden. Echter diegene natuurlijk ook wel eens chagrijnig of boos maar dat wordt niet op Facebook gezet.  In een onderzoek van frankwatching naar de negatieve kanten van social media word Phil Baumann, CEO van CareVocate, genoemd. Hij zegt : ‘Sociale media verspreiden emoties nu eenmaal sneller dan redelijkheid. Is dat misschien het probleem van de 21ste eeuw?’

En zo zijn er nog een tal van negatieve voorbeelden te noemen. Persoonlijk vind ik dat we veel waarden moeten hechten aan de gevaren die social media, maar ook het mass mingling met zich mee brengen. Wanneer ik lees dat Joost vindt dat André lekkere koffie kan zetten. Of dat Rosa net zo goed wat langer had kunnen blijven liggen omdat ze vertraging heeft en nu toch te laat komt, begin in me steeds vaker af te vragen waar we nou eigenlijk mee bezig zijn.

http://www.frankwatching.com/downloads/ebooks/de-zwarte-kant-van-sociale-media-2012.pdf

Categorieën:Uncategorized